Als je ineens 6 diagnoses krijgt..

Het voelde alsof ik in een ziekenhuiswachtkamer zat; een rijtje stoelen, een koffieautomaat, een tafeltje met wat tijdschriften, en een balie met een vriendelijke dame. De ruimte was wit, en als je op een goede plek zat kon je naar buiten kijken; naar de levendige Wibautstraat in Amsterdam. Ik zat op dat goede plekje naar buiten te staren, totdat ik naar binnen geroepen werd: “Sandra, je mag met mij meelopen”. Daar ging ik dan.
*
De afgelopen twee maanden heb ik onderzoeken gehad in een behandelcentrum voor persoonlijkheidsproblematiek. Hun specialisatie is  borderline. Ik ben hier terecht gekomen omdat ze het in mijn huidige instelling niet zo goed meer met me weten. Ik loop er vast en kom niet echt verder. Samen met mijn psychiater besloten we dat ik voor extra onderzoeken naar Amsterdam zou gaan, om nog beter vast te kunnen stellen wat ik mankeer, en vooral: of er andere behandelingen voor me zijn die misschien beter bij mij en mijn problemen passen.
*
Vandaag kreeg ik de uitslag van de onderzoeken. Door de spanning haalde ik me van alles in mijn hoofd. Wat als ik een heel andere diagnose krijg dan in Hilversum? Wat als zij vinden dat borderline bij mij maar grote onzin is? Wat als ik gezond verklaard word? Ik zou ontzettend blij zijn als zou blijken dat ik helemaal geen stoornis zou hebben. Stiekem hoopte ik te horen dat ik niet bij dat behandelcentrum welkom was, omdat mijn problemen niet ernstig genoeg zouden zijn. Wel zou ik me dan af vragen hoe het dan zou komen dat ik me zo voel en gedraag als dat ik doe.
*
Ik mocht vanuit de ziekenhuiswachtkamer meelopen naar een kamertje aan het einde van de gang. De psycholoog waarmee ik een afspraak had kende ik nog van twee weken geleden, toen ik daar mijn laatste onderzoeksdag had.  Een lieve psycholoog van ergens in de dertig. Ik voelde me op mijn gemak bij haar. Dat scheelde, de spanning daalde. Ze vroeg of ik er klaar voor was. Ik zei ja, en ze sloeg het rapport dat ze in haar handen had open.
*
De onderzoeken bestonden uit verschillende onderdelen. Ze ging elk onderdeel af, en vertelde me de bevindingen van haar en de rest van het team dat mij onderzocht heeft. Het begon met iets dat ik al wist: ik heb een chronisch depressieve stoornis. Dit houdt in dat je terugkerende depressies hebt. Dit was geen verrassing voor me, deze diagnose was 8 jaar geleden ook al gesteld, en in die tussentijd is er wat dat betreft niets veranderd: de depressies blijven komen en gaan. Tot zover viel het gesprek mee.
*
Voor even.
*
Er volgde een stortvloed aan termen, lastige woorden en diagnoses. Bij de een was het geen verrassing, dan had ik die diagnose bijvoorbeeld al eens eerder gehad, maar er zaten ook dingen bij waarvan ik niet wist dat ik ze een naam mocht geven. Ik schuif al mijn afwijkende gedrag en emoties altijd af op borderline. Borderline en verder niets. Nu kregen bepaalde problemen ineens een op zichzelf staande naam. Ik moest even slikken.
*
Als laatste kwam ze met de conclusie dat ik perfect voldoe aan de criteria van de toelatingseisen voor behandeling daar. Naast alle andere diagnoses kwam er ook uit dat ik inderdaad borderline heb, en dat deze ernstig genoeg is om daar gespecialiseerde behandeling voor te volgen. Dat ‘ernstig genoeg’ klinkt zwaar, maar ze stellen wel eisen aan de mate van je persoonlijkheidsstoornis.
*
Ik was geslaagd voor de test. Chapeau. Nog gekker dan ik al dacht.
*
Ik heb deze middag even moeten laten bezinken. Toen ik een uur later en 6 (eigenlijk 7, maar ik voeg er twee samen) diagnoses later buiten stond, wist ik niet of ik moest huilen of lachen. Ik zou best kunnen gaan huilen omdat een van de best aangeschreven klinieken die er is in ons land zojuist heeft bevestigt dat ik best wel wat dingen mankeer; dat het best ernstig is zelfs. Maar ik zou ook kunnen lachen. Blij zijn dat ik nu de mogelijkheid krijg tot het volgen van therapie die waarschijnlijk veel beter bij me past dan de therapie die ik nu volg.
*
Ik kies voor dat laatste. Ik heb (nog) geen traan gelaten, en bekijk het aardig luchtig. Het was even schrikken dat er meer problematiek is vastgesteld dan ik dacht, even ging de sarcastische ‘spaar ze allemaal!’ gedachte door me heen na zoveel diagnoses, maar eigenlijk verandert er niets in negatieve zin. Het kan nu alleen maar beter worden, want ik krijg betere hulp. Ik mag zelfs kiezen welke therapie ik wil gaan volgen: dialectische gedragstherapie, schema-therapie of MBT. Er volgen nog vijf (!) afspraken om samen met de psycholoog daar te onderzoeken wat het beste bij mij past. Ze pakken het  grondig aan.
*
Tijd voor een nieuwe fase!
*

Ontsnappen heeft geen zin.

‘Deze zomer valt me best mee!’ dacht ik vorige week nog. Ik zit af en toe met een kleedje, wat lekkers en een fles prosecco in het park, ik ben een paar keer naar een dance-festival geweest en lees tijdschriften in de zon op het balkon. Het is een hele maand mooi weer geweest (paar dagen daar gelaten), en ook augustus begint weer prachtig.
*
Lekker toch?
*
Nee. Niet altijd, want daar komt dan toch altijd weer De Klap. Het weer staat in groot contrast met hoe ik me voel. Het stormt van binnen; dat matcht niet met het weer buiten. Vandaag is het zo’n dag. Het is de warmste dag in zoveel tijd, maar ik kan er niet van genieten. In mijn hoofd is het onrustig; ik ben zo verdrietig, angstig, somber en leeg; het voelt alsof ik in één klap weer in een depressie ben beland. Zo erg is het niet, het zal wel weer overwaaien, maar voor nu voel ik me wel zo. Ik huil de hele dag (in de bus, trein, op het werk.. er zit geen stop meer op), ik tril, ik heb spanningshoofdpijn en ik voel me ontzettend down.
*
Hoe komt dat dan toch zo ineens, San?
*
Vaak ben ik me niet bewust van waar mijn omslag vandaan komt. Het overvalt me. Nu weet ik het wel, maar dat maakt het niet perse makkelijker. Ja; ik weet waar ik aan moet werken, maar het is ook zeer confronterend. Het gaat om iets simpels, maar mijn hoofd maakt van een mug een olifant. (voor mij is dat ‘iets simpels’ namelijk het moeilijkste dat er is). Ik wou dat ik er iets aan kon doen, maar de angsthaas in mij zorgt dat ik versteen. Ik moet het maar verdragen.
*
De komende dagen worden erg moeilijk, om diverse redenen. Ik ga knetterhard mijn best doen het te doorstaan, ondertussen hoop ik dat de storm in mijn hoofd een beetje gaat liggen.  Buiten is het volop zomer, van binnen is het een stormachtige herfstdag.
*
Ik zou wel willen vluchten, maar ontsnappen heeft geen zin.. uiteindelijk haalt het me toch wel weer in.
*