Niet praten maar doen: stoelentechniek

Dat therapie niet alleen praten is, heb ik wel eens eerder verteld volgens mij. Tijdens de schematherapie-sessies worden er ook oefeningen gedaan, zowel individueel als in de groep. Nou is dat best een beetje eng en ongemakkelijk. In de groep omdat iedereen kijkt of een rol vervult in jouw casus, en individueel omdat alle aandacht gericht staat op jou en je oefening. Toch is er wel wat voor te zeggen om die oefeningen te doen. Het zorgt ervoor dat je beter bij je gevoel komt dan wanneer je er alleen over zou praten. Belangrijker nog: zo kun je het gevoel (hopelijk) wat veranderen. Ik wil jullie graag meenemen naar een oefening die ik onlangs deed; de stoelentechniek.

De stoelentechniek deed ik in de groep. Vijf stoelen in een kring in het midden en de groep er omheen. Ik nam plaats in de cirkel van vijf stoelen. Iedere stoel was een modus. (een modus is een gemoedstoestand waar je in kunt ‘schieten’ – kenmerkend aan borderline is dat je continu van de ene in de andere modus schiet).

De modi van mijn vijf stoelen waren als volgt: de paranoide overcontroleerder, het kwetsbare kind, de straffende ouder, de goede ouder en de gezonde volwassene.

Het kwetsbare kind spreekt voor zich; je voelt je klein, alleen, bang, verdrietig, etc. De straffende ouder vind dat allemaal onzin en gaat daar tegenin. ‘Stel je niet zo aan’ zegt deze bijvoorbeeld. De paranoide overcontroleerder wil voortdurend de controle hebben en doet er alles aan om jezelf te beschermen tegen vermeende of daadwerkelijke dreiging. De gezonde volwassene relativeert de boel en de goede ouder geeft helpende, lieve boodschappen aan het kwetsbare kind.

Kern van de oefening: je neemt een situatie die je lastig vond. Ik koos voor een sitautie in de tram, waar ik ontzettend angstig was. Ik nam eerst plaats op de stoel van het kwetsbare kind. Hoe voelde ik me? Al gauw kwam de paranoide overcontroleerder er over heen, dus ging ik daar zitten. Die ging los. Ik begon er zelf ook harder en sneller door te praten, omdat ik weer voélde hoe die paranoide overcontroleerder voelt in zo’n moment. Daarna ging ik zitten op de stoel van de straffende ouder. Het sloeg immers nergens op toch, dat ik me zo angstig voelde? Ik werd flink afgezeken door die straffende ouder. Terug naar kwetsbaar kind; hoe voelde die zich nu in de situatie? Niet bepaald beter. De gezonde volwassene en goede ouder moeten ingezet worden, maar dat is moeilijk. De boel verstandelijk relativeren lukt nog wel, maar er gevoelsmatig ook bij komen niet. Goede ouder boodschappen die helpend zijn formuleren naar jezelf; al helemaal een onmogelijke opgave. En dáár zit het hem in. Hoe stel je jezelf gerust in een situatie waarin je niet op je gemak bent, hoe krijg je de boel weer op een rijtje en hoe kun je handelen vanuit de gezonde volwassene en niet vanuit een emotionele modus?

Door hardop te vertellen wat er in je omgaat terwijl je plaats neemt op de verschillende stoelen, maakt dat je je erg kwetsbaar opstelt. De therapeut stelt wat vragen maar verder is iedereen stil, behalve jij. De groep kwam van pas toen er goede ouder boodschappen moesten komen. Ik liep daar zelf op vast. Wat zeg je tegen je eigen angstige, kwetsbare kind die doodsbang in het OV zit waardoor de angst afneemt?

Wat ik in het begin van deze blog al zei; therapie is meer dan alleen praten. Door een oefening als deze herbeleef je het moment weer. Je krijgt in de gaten welke modi er spelen, en waar je dus op in moet haken. Het gaat veel dieper dan alleen “ik ben bang” en “ik voel me rot” – wat er intern gebeurt ontdek je met zo’n oefening.

Zo’n oefening zorgt voor meer bewustzijn. Tijdens het oefenen, maar ook zeker daarna. Ik stel mezelf sindsdien meer vragen en probeer te ontdekken welke modus het is die mij dwarszit. En hoe ik dat vervolgens kan ‘verhelpen’ door de goede ouder in te zetten.

Hoe denk jij over zo’n vorm van therapie?

Advertenties

Persoonlijke update

Precies drie maanden geleden sinds mijn laatste blog online kwam. Een blog over dat ik me niet zo goed voelde, alsof de depressie voor de deur stond. In die drie maanden ben ik me overal wat terug gaan trekken; Facebook, Twitter en in real life. Ik heb dat soms nodig om tot mezelf te komen. Rust is wat mij helpt, niet meteen, maar uiteindelijk is het goed voor me. Ik slaap dan veel, denk veel, doe wat in huis, volg m’n therapie en doe mijn best om m’n werk te doen. Verder vooral rust. Weinig afspraken met vrienden, gelukkig geeft iedereen me de ruimte en is het goed als ik weer in de lucht kom als het beter gaat.

Dat ik drie maanden geleden dacht dat de depressie wel weer eens om de hoek zou kunnen komen kijken had ik niet helemaal verkeerd ingeschat. Ik heb me weer even goed rot gevoeld. Mijn angsten werden weer sterker waardoor ik de deur bijna niet meer uit durfde. Reizen met het OV was ook lastig. Ik werd hierdoor erg beperkt in het kunnen gaan naar therapie en werk, waardoor mijn somberheid werd versterkt. Op een gegeven moment trok ik het nauwelijks meer en ben ik in overleg met mijn psychiater weer opnieuw begonnen met Prozac. Ik ben hier een jaar geleden mee gestopt omdat het naar mijn gevoel niet zo hielp, maar ik geef het nu nog een kans, vooral omdat het de vorige keer wel goed aansloeg op mijn angsten.

De keuze om weer met Prozac te beginnen is een goede geweest; sinds een week of twee voel ik me wat beter. Ik ben beter in mijn hum, ben weer meer aanwezig, onderneem weer voorzichtig aan wat meer. Angstig ben ik nog wel, ga niet op mijn gemak alleen over straat, ook overdag niet. Dat is wat lastig, maar ik probeer er doorheen te gaan en me zo min mogelijk daardoor te laten tegenhouden. Daarnaast doe ik mijn best om in therapie en zelfstandig daarbuiten de oorzaak aan te pakken. Eens moet het (dan) toch minder worden hoop ik.

Is de depressie nu dan over? Helemaal; nee. Dat is het nooit, puur omdat die somberheid altijd aanwezig is. Toch trek ik het labeltje voor nu van me af, omdat ik me wel goed genoeg voel. Aan de altijd aanwezige somberheid wen je, hoe triest dat ook is. Het is voor mij gevoelsmatig pas depressie als er een dubbele laag overheen valt. Het wordt ook wel een dubbele depressie genoemd: een depressie op een chronische depressie. Het is de hevigheid die ik dan slecht trek. Nu trekt het weer naar het oude en daar is mee te leven. Ik doe thuis alweer dansjes op techno, dat is een goed teken. Over drie weken ga ik weer eens uit om te dansen. De laatste keer dat ik dat deed ging het niet goed maar nu heb ik er vertrouwen in dat ik die avond kan genieten.

Hoewel ik voorzichtig aan meer dingen aan het plannen ben en meer de deur uit wil, let ik ook heel erg op mijn grenzen en doe ik het rustig aan. Ik ben nog steeds de ‘oma’ en dat vind ik prima. Je leert jezelf steeds beter kennen, wetende wat je wel en niet (aan) kunt. Accepteren dat je niet alles kunt wat je zou willen is nog steeds moeilijk, maar het gaat steeds beter. Het is nu vooral goed mijn best blijven doen in therapie en goed voor mezelf zorgen. Opbokken met de depressie. Tot gauw!