Een suïcide-poging doe je niet voor de lol.

Suïcide. Een net woord voor het botte ‘zelfmoord’. Afgelopen jaar hebben er rond de 1800 mensen suïcide gepleegd en hebben nog eens 100.000 (honderd duizend!) mensen een suïcide-poging gedaan.
*
Gisteren was er een documentaire op televisie over een zogenaamde suïcidepreventie-poli. In deze poli, die speciaal is opgericht voor mensen met suïcidale gedachten, worden mensen geholpen om met deze nare, negatieve gedachten om te gaan. Gewoonweg door er over te praten: dit is namelijk iets wat weinig gebeurt als het om suïcidale gedachten gaat. Het is al gauw ‘niet te veel aandacht aan besteden’. Voor buitenstaanders is het vaak moeilijk te begrijpen, waardoor de ernst niet altijd wordt ingezien. Maar: ook al doet iemand tien keer een poging; neem het serieus. Het kan een schreeuw om aandacht zijn, maar wel een serieuze schreeuw. Als je een zelfmoordpoging doet, doe je dat niet voor de lol. De lijdensdruk is hoog, en een andere uitweg zien is moeilijk.
*
Wanneer iemand denkt aan suïcide, wordt er vooral gedacht ‘dit moet stoppen’, en niet ‘ik wil dood’. Alleen door geen oplossing meer te zien hoe deze situatie (depressie, persoonlijkheidsstoornis, rouw, scheiding, etc) opgelost kan worden, wordt de dood een serieuze optie. Een laatste uitweg. De dood is dan nog de enige oplossing. Want zo verder leven gaat niet meer. Hier grijpt de suïcidepreventie-poli in het VieCurie Ziekenhuis in Venlo in. De psychiaters, psychologen en verpleegkundigen van deze poli komen in contact met deze mensen en stimuleren ze er over te praten. Dit is een grote stap om zelfdoding te voorkomen.
*
Dit onderwerp grijpt mij aan, omdat het dichtbij komt en herkenbaar is. Ik heb zelf ook periodes gehad dat ik alleen maar dacht aan ‘hoe kan ik dit stoppen?’ en ‘ik wil niet meer, ik kan niet meer, ik wil dood’. Een gevaar bij bijvoorbeeld borderline is, is dat er uit wanhoop impulsief een zelfmoordpoging kan worden gedaan. Dus zonder hierover van te voren goed over na te denken. Zo’n 1 op de 10 mensen met borderline overlijdt dan ook aan zelfdoding.
*
Een vrouw in de documentaire had het over 4 fases waarin je kunt zitten als je suïcidaal bent:

  1. Het leven begint zwaar te worden, de levenslust sijpelt weg, en iedere stap die je zet voelt haast ondraaglijk.
  2. Je denkt niet alleen ’s nachts meer aan de dood, maar ook overdag gaat het je gedachten overheersen.
  3. Je gaat nadenken over hoe je gevonden wil worden, door wie, en door wie niet. Je kiest een methode.
  4. Je prikt een datum.

*
Een nabestaande in de documentaire zei na de zelfdoding van haar zoon, dat er niet nagedacht wordt over de impact voor de achterblijvers. De professionals gingen hier tegen in: er wordt juist wel veel nagedacht over de impact voor de achterblijvers, maar de strijd met het leven is of wordt gewoonweg té zwaar. En wat ik persoonlijk dan altijd denk, als iemand zegt dat zelfmoord egoistisch is: hoe egoistisch is het om van iemand te verlangen maar te blijven leven, ondanks dat het zo’n verschrikkelijk zware last is? Dát vind ik pas egoistisch. Het is een stuk onwetendheid dat kan worden verminderd door er over te praten: doe dit dan ook als je iemand kent die wel eens zou kunnen worstelen hiermee. Gedachten aan suïcide maakt namelijk heel erg eenzaam. Het kan al heel erg helpen om er over te kunnen, en mógen praten.
*
Benieuwd naar de documentaire? Hier kun je hem terugkijken: http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1394101
*

Ontsnappen heeft geen zin.

‘Deze zomer valt me best mee!’ dacht ik vorige week nog. Ik zit af en toe met een kleedje, wat lekkers en een fles prosecco in het park, ik ben een paar keer naar een dance-festival geweest en lees tijdschriften in de zon op het balkon. Het is een hele maand mooi weer geweest (paar dagen daar gelaten), en ook augustus begint weer prachtig.
*
Lekker toch?
*
Nee. Niet altijd, want daar komt dan toch altijd weer De Klap. Het weer staat in groot contrast met hoe ik me voel. Het stormt van binnen; dat matcht niet met het weer buiten. Vandaag is het zo’n dag. Het is de warmste dag in zoveel tijd, maar ik kan er niet van genieten. In mijn hoofd is het onrustig; ik ben zo verdrietig, angstig, somber en leeg; het voelt alsof ik in één klap weer in een depressie ben beland. Zo erg is het niet, het zal wel weer overwaaien, maar voor nu voel ik me wel zo. Ik huil de hele dag (in de bus, trein, op het werk.. er zit geen stop meer op), ik tril, ik heb spanningshoofdpijn en ik voel me ontzettend down.
*
Hoe komt dat dan toch zo ineens, San?
*
Vaak ben ik me niet bewust van waar mijn omslag vandaan komt. Het overvalt me. Nu weet ik het wel, maar dat maakt het niet perse makkelijker. Ja; ik weet waar ik aan moet werken, maar het is ook zeer confronterend. Het gaat om iets simpels, maar mijn hoofd maakt van een mug een olifant. (voor mij is dat ‘iets simpels’ namelijk het moeilijkste dat er is). Ik wou dat ik er iets aan kon doen, maar de angsthaas in mij zorgt dat ik versteen. Ik moet het maar verdragen.
*
De komende dagen worden erg moeilijk, om diverse redenen. Ik ga knetterhard mijn best doen het te doorstaan, ondertussen hoop ik dat de storm in mijn hoofd een beetje gaat liggen.  Buiten is het volop zomer, van binnen is het een stormachtige herfstdag.
*
Ik zou wel willen vluchten, maar ontsnappen heeft geen zin.. uiteindelijk haalt het me toch wel weer in.
*

Besluiteloosheid.

Als ik niet goed in mijn vel zit, kan ik over de meest stomme dingen urenlang twijfelen.
Op de bank zitten, of in bed blijven. Een boterham eten of een cracker. En wat moet er dan op? Durf ik wel alleen naar de AH oid, of toch hulp vragen daarbij? Kan ik het dan wel maken om die hulp te vragen? Is het niet stom? Moet ik wel gaan werken en doorzetten, of me toch ziekmelden en proberen wat te slapen? Naar vriend X gaan, vriendin Y of toch naar huis? Wat moet er vanavond weer gegeten worden? Kan ik beter lopen of gaan fietsen?
Heel de dag kan ik tobben over dit soort dingen. Eeuwige twijfel. Het goed willen doen, maar ook willen luisteren naar mijn lichaam. Balans vinden. Wat is dan balans? Ergens wil (lees: moet) je dingen ondernemen, en ergens wil je niets anders dan je verstoppen onder de dekens. Alles wordt eng. Een gevecht. Weinig gaat meer vanzelf. Besluiteloosheid.
 *
Gisterochtend dacht ik urenlang na over of ik wel zou gaan werken die middag. Toen ik opstond kon ik niet normaal staan van de spierpijn. Pure spanning. Na een kop koffie op de bank kroop ik toch weer in bed. Maar slapen kon ik niet. Het werd een wellus/nietus spelletje in mijn hoofd, totdat het zo’n chaos in mijn hoofd werd dat ik mezelf wel iets aan kon doen. Toen vond ik het genoeg. Ik ben gaan douchen en ben de deur uit gegaan. Mezelf een schop onder de kont gegeven. Bij de bushalte wist ik het nog zeker; ik ga werken. Op het station aangekomen wilde ik weer omkeren. De spanning raasde door mijn lijf en ik werd misselijk. Toch de trein in. Onderweg moeite mijn emoties te beheersen. Ik kreeg spijt. Waar was ik mee bezig? Is doorzetten wel altijd goed? Weer de twijfel. Toch de weg vervolgen naar het werk. Ik kwam te laat, want had pech onderweg. Ik werd woedend. Vloekend liep ik naar mijn werk toe. Daar het masker op. Achter het bureau kruipen. Mijn ding doen. Lachen. Praten met collega’s.
Van binnen huilde ik.
 *
De laatste dagen is het complete chaos in mij. De borderline neemt mij over, maar ik sla terug. Vandaag gun ik mezelf een dagje onder de dekens. Maar toch twijfel ik of ik dat wel ‘mag’. Misschien toch vanmiddag even de deur uit. Ik weet het niet. Weer de besluiteloosheid.

Onzichtbare chaos..

In mijn vorige blog had ik het er nog over; het feit dat je je alleen kunt voelen ook al ben je op een feestje waar je vrienden ook zijn. Dat het een chaos in je hoofd kan zijn, alleen dat niemand dat aan je ziet. Afgelopen weekend had ik het weer sterk. Ik had een ‘druk’ weekend, met op vrijdagavond (lees: nacht) stappen en op zaterdagavond een stevig rockconcert. Geen tijd om je druk te maken zou je denken. Ik ben nog jong: er zijn tig jongeren die zo’n weekend makkelijk aankunnen, maar ik niet echt. Dat wéét ik ergens ook wel, want het is een steen waar ik me keer op keer weer tegen stoot. Maar hoe hard ik ook stoot; ik doe het de volgende keer weer net zo hard. Ontzettend eigenwijs, maar vooral: ik kan lastig accepteren dat bepaalde dingen moeilijk voor me zijn.

Ik ben een zogenaamde ‘introverte borderliner’: ik ben behoorlijk rustig, stil en zit vaak in mijn eigen wereld. Ik heb veel baat bij rust en structuur. Stabiliteit. Soms moet ik daarentegen wel af en toe even uit de band springen, bijvoorbeeld dus op een feestje of tijdens een concert. Hartstikke gezond zou je denken. Ja, ergens wel. Het verminderd spanningen, het geeft afleiding en als het meevalt met de chaos in je hoofd kun je zelfs genieten. Maar als die chaos in je hoofd er al is, gaat die niet zomaar weg. Al sta je bij de band waar je een ontzettend grote fan van bent, als de chaos er is dan is die er, en dan kun je het genieten wel vergeten. Zo stond ik me vrijdagnacht druk te maken over van alles en nog wat. Dingen waarvan ik verstandelijk weet dat ze niet realistisch zijn. Maar het zit in je hoofd en het gaat maar moeilijk weg. Je kunt dan wel tegen jezelf zeggen ‘maak je niet zo druk, ga lekker dansen’ en gewoon glimlachend in de zaal gaan staan, maar ondertussen malen de dominante negatieve gedachten maar door je hoofd. Doodvermoeiend. Op zo’n moment voel je je heel eenzaam. Maar niemand die het ziet. Ergens ook wel weer fijn; op een feestje zit je niet te wachten op vragen als ‘hoe voel je je?’ en ‘gaat het wel?’. Nee hoor: lachen, dansen en doorgaan. Dat houdt me ook weer op de been. Zitten kniezen in een hoekje of maar thuis blijven in een rustige omgeving om maar niet uit balans te raken: no way. Ik daag mezelf graag uit. Soms pakt dat slecht uit, maar soms maak ik daardoor juist ook weer te gekke dingen mee, die ik anders maar mooi had gemist. Zoals het te gekke concert van gisteren dat last minute op mijn pad kwam. En dáár ga ik voor, hoe vaak ik me daarnaast ook nog moet stoten aan die verdomde steen.

Het gevoel van leegte..

Hoe kan het toch dat je je eenzaam kunt voelen als je door de drukke stationshal van Utrecht Centraal loopt? Dat je je alleen voelt ook al ben je op een feestje waar je vrienden ook zijn? Dat je je ‘leeg’ voelt, in de war, vreemd en onbegrepen.. wat is dat toch? Heb jij dat wel eens? Het gevoel dat je nergens bij hoort, geen aansluiting hebt, ook al hoor je wel degelijk bij groepen mensen? Ik had dit van kinds af aan al. Als je klein bent heb je geen idee wat dat nou is. Je voelt je anders dan anderen, maar kan het niet onder woorden brengen. Ik was een sociaal kind, en dat ben ik nu nog steeds, maar dat vreemde lege, eenzame gevoel blijft. Iets waar  veel mensen met borderline zich in zullen herkennen: het is een van de hardnekkigste symptomen.

Iemand met borderline heeft een kwetsbaar zelfbeeld. Onstabiel. Het kan per uur wisselen hoe er wordt gedacht over zichzelf. Er hoeft maar iéts te gebeuren en het hele zelfbeeld kan omslaan naar enkel negatieve gedachten. Dit geeft veel angst en een wanhopig gevoel. Natuurlijk zijn er trucjes om hier mee om te kunnen leren gaan. Een goede training om mee te beginnen is de G-training. Hierbij ga je aan de slag met je zogenaamde negatieve dominante gedachten. Dit zijn gedachten die steeds weer terugkeren, vaak bij vrijwel alles wat je doet. Stel: je hebt als negatieve dominante gedachte ‘ik ben waardeloos’. Knap vermoeiend als dat dag in, dag uit door je hoofd heen gaat. Probeer dan maar eens zelfvertrouwen op te bouwen en een stabiel  positief zelfbeeld te krijgen. En als het dan al een beetje lukt, door positieve ervaringen op bijvoorbeeld je werk of tijdens je studie: probeer het dan maar eens vast te houden. Oefenen, oefenen, oefenen. Uitdagen is hierbij het sleutelwoord: je negatieve gedachten uitdagen. Bewijzen zoeken van het tegenovergestelde. Zet er positieve gedachten tegenover.. nogmaals: oefenen, oefenen, oefenen. Het is zeker niet onmogelijk om een positief zelfbeeld te krijgen, ook niet als je borderline hebt!

Als je een positief, stabiel zelfbeeld hebt, is het ook makkelijker om met het gevoel van leegte om te gaan. Het ‘overvalt’ je dan niet zo. Gevoel van leegte is een van de meestvoorkomende symptomen van borderline. Het kan maken dat niets meer betekenis heeft. Wat hierbij kan helpen is een doos of een dagboek / fotoboek oid maken met goede herinneringen. Belangrijk is dat ze tasbaar, zichbaar zijn. Met enkel dingen in je hoofd red je het niet. Omdat het gevoel van leegte zo lastig uit te leggen is, en eigenlijk een eigen wereldje is zonder woorden, kan het goed zijn om er toch over te proberen te praten. Natuurlijk niet met de slager of de postbode, maar met je dierbaren. Mij helpt het bijvoorbeeld om een dagboek bij te houden en dit af en toe eens voor te lezen. Door te schrijven kan ik mijn gevoelens beter uiten en zo duidelijker maken wat er nou in me om gaat; áchter die vrolijke lach. Wat ook kan helpen is tekenen, schilderen, kleien of andere beeldende therapievormen. Voor iedereen is er wel een manier. Net als bij het uitdagen van de negatieve gedachten geldt: oefenen, oefenen, oefenen.

Er zijn allemaal natuurlijk ook allemaal manieren om het gevoel van leegte te vermijden. De een trekt zich terug om de confrontatie uit de weg te gaan, de ander gaat juist van alles ondernemen om het gevoel van leegte te onderdrukken of kwijt te raken. Vermijden is geen slimme manier om hiermee om te gaan, omdat een ander borderline symptoom, impulsiviteit, gemakkelijk de hoek om kan komen kijken. Alcohol- of drugsgebruik kan een gevaar zijn. Agressie kan opspelen, en noem het maar op. Voor de persoon met borderline niet fijn, maar voor de omgeving ook zeker niet. Door je best te doen om ergens positiviteit uit te halen kan het gevoel van leegte echt verminderen, daar ben ik van overtuigd.